The State Department, het Amerikaans ministerie van Buitenlandse Zaken, publiceerde eergisteren 11 maart zijn jaarlijkse mensenrechtenrapport over Suriname. Het rapport bevat zowel positieve opmerkingen als scherpe kritiek.

Vrijheid van meningsuiting, vrijheid van geloof en politiediensten die zich aan de wet houden zijn enkele van de positieve opmerkingen.

De gevangenis van Santo Boma in Suriname.

De moeilijk toegang die de pers heeft tot bepaalde overheidsinformatie waaruit eventueel corruptie zou kunnen blijken, is dan weer een punt waarop The State Department scherpe kritiek heeft. “Het is een veelgehoorde klacht onder journalisten”, schrijft het rapport. Zelfcensuur onder Surinaamse media blijft ook een probleem.Enkele incidenten uit 2007 die de persvrijheid beknotten, krijgen kritiek. Zo wordt onder andere gesproken over de aanvaring tussen de makers van het programma ‘Suriname Vandaag’ en regeringsfunctionarissen die hun invloed hadden gebruikt om een documentaire over het China en Taiwan-beleid van de regering niet te laten uitzenden.

Daarnaast wordt het tekort aan rechters bekritiseerd, alsook de vaak lakse houding van pro-Deoadvocaten. “Sommigen verdiepen zich onvoldoende in de zaak van hun cliënten en verschijnen zelfs niet op de zitting”, klinkt het.

Maar vooral de schrijnende toestanden in Surinaamse gevangenissen worden gehekeld. “De meeste gevangenissen hebben helemaal geen sanitaire voorzieningen en zijn overbevolkt. Door deze overbevolking worden steeds meer schuldig verklaarde gevangenen in politiekantoren geplaatst. Op het einde van 2007 werden maar liefst 977 personen vastgehouden in politiekantoren”, staat in het rapport te lezen.

Lees het volledige document hier.

Eerder verscheen al het onderzoeksrapport ‘Gedetineerde vrouwen in de Centrale Penitentiaire Inrichting’ van Willemijn van Kalmthout en Caroline Place, studenten Criminologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Meer informatie over dat rapport vind je hier.